Ganden

Algemeen

Ganden bevindt zich op de top van de berg Wangbur in het district Tagtse, op 36 km ten oostnoordoosten van Potala in Lhasa, op een hoogte van 4300 meter. Ganden, (ook Gaden of Gandain, Continent van Compleet Bevrijdend Geluk), is een van de grote drie gelug-kloosteruniversiteiten van Tibet. De andere twee zijn Sera en Drepung. Begin 20ste eeuw was het een bloeiend boeddhistische klooster-universiteit met ongeveer 6.000 monniken. In Tibet zijn de omstandigheden voor de kloosters de laatste jaren mogelijk iets verbeterd, maar veel van de schijn bedriegt. De Chinese regering is meer ge´nteresseerd in het aantrekken van toeristen naar de kloosters in Tibet dan in religieuze vrijheid. De monniken worden door de Chinezen vaak eerder als toeristengidsen gezien dan als mensen die proberen serieus hun religie te beoefenen. Dit is een van de redenen waarom er nog steeds Tibetanen naar India vluchten en daar hopen in te treden in de kloosters.

Geschiedenis

Het Ganden klooster werd in 1409 gesticht door Tsong Khapa (1357-1419) als plek om gedisciplineerde monniken op te leiden en het Tibetaans boeddhisme om te vormen. Later zou hier de geelmutsenorde uit voortkomen, die uiteindelijk werd verheven tot staatsreligie. Het klooster was voorheen het op ÚÚn na grootste van Lhasa en gedurende enige tijd de machtigste van de drie die politiek bedreven en die de meeste hoge ambtenarenmonniken leverde voor regeringsinstanties. Er woonden in die tijd meer dan 4.000 monniken. De afbeelding van Tsong Khapa, de grote hervormer van Tibet, is dan ook bijna even vaak in tempels en kloosters te zien als die van Boeddha.
Tijdens de Culturele Revolutie in 1959 werd het klooster bijna volledig verwoest door de Chinezen, maar het herstel van de verwoestingen is momenteel in volle gang (mede dankzij de circa 200 monniken die naar het klooster zijn teruggekeerd). Desalniettemin zien we talloze ru´nes die nog getuigen van vernietigingen die hier hebben plaatsgevonden.

Bestuurlijk en religieus belang van Ganden

Binnen de Gelugpa traditie van het Tibetaans boeddhisme, waren er traditioneel vijf centrale kloosters, waarvan de drie grootste bekend staan als de "Drie Zetels". Deze drie kloosters werden vˇˇr de Chinese invasie in 1959 elk bewoond door vele duizenden monniken en functioneerden als grote klooster- universiteiten. Het Ganden klooster was de eerste van deze grote kloosters. Het klooster wordt traditioneel gezien als de bestuurlijke en politieke macht van de gelug. De Ganden tripa of troonhouder van Ganden is het hoofd van de school.
Vanwege de ligging op grotere afstand van Lhasa, had het klooster met 6000 monniken een kleinere populatie dan de andere twee kloosteruniversiteiten. Het klooster kende meer dan 25 belangrijke kapellen met grote Boeddhabeelden. De grootste kapel kon tegelijk 3500 monniken een plaats bieden. Tenzin Gyatso, de veertiende Dalai Lama, legde zijn laatste examen af in Ganden in 1958.
De belangrijkste bezienswaardigheden in het klooster van Ganden zijn Serdung, die een tombe bevat van Tsong Khapa, de vergaderzaal Tsokchen en de Ngam Cho Khang, de kapel waar Tsong Kkhapa les heeft gegeven. Het klooster herbergt handgemaakt kunstwerk dat eigendom is geweest van Tsong Khapa. Ganden bestond voornamelijk uit de twee originele colleges, Jangtse en Shartse, dat noordpiek en oostpiek betekent.

Afloop sinds 1959

Het klooster van Ganden werd grotendeels verwoest tijdens de opstand in Tibet van 1959 en tijdens de Culturele Revolutie (1966-76) werd het klooster bestookt met granaten van het Chinese Volksbevrijdingsleger. Het gemummificeerde lichaam van Tsong Khapa werd verbrand, hoewel de schedel en een deel van de as uit het vuur gered werden door Bomi Rinpoche, een monnik die gedwongen werd het lichaam naar het vuur te dragen.

Voortzetting in India

Ganden werd voortgezet door ballingen in Mundgod, Karnataka, in India. Het ballingsoord is het grootste voor Tibetaanse vluchtelingen in India en werd opgericht sinds 1966. Naast de vervanging van het Ganden klooster, bevindt zich in Mundgod een nieuwe vestiging van het klooster in Drepung en een nonnenklooster. In 1999 was er een bevolking van rond 13000 Tibetanen, verdeeld over 13 kampen. Het lespakket van Ganden is er op eenzelfde manier voortgezet. De colleges van Jangtse en Shartse zijn voortgezet in Karnataka.

Terug naar het reisverslag