Reisverslag Nepal-tibet

door Guido Driesen
kaart Nepal
kaart Tibet

Tips:

Voorwoord

Mount Everest Nepal, Tibet, Mount Everest zijn altijd al namen geweest die tot mijn verbeelding spraken. In het maandblad van Pasar vond ik een reis naar Nepal die zou doorgaan in oktober. De formule stond me wel aan. Op de infodag over deze reis was de belangstelling niet echt groot. Er waren nog maar 4 personen ingeschreven. Begin september kregen we bericht dat deze reis niet doorging wegens te weinig belangstelling.

Via een collega op het werk kwam ik bij Koningaap terecht. Wat ik daar vond was ideaal, zowel Nepal, Tibet en de Mount Everest werden aangedaan. Het enige probleem voor mijn vrouw was de duur van de reis: 3 weken. Maar na het doornemen van de uitgebreide reisbrochure was ze toch snel overtuigd. We hadden afgesproken om zonder enige voorafgaande informatie over deze landen te vertrekken. Zo zouden we een zelf een beeld kunnen vormen zonder invloed van iemand anders.

Op 2 oktober vertrokken we reeds dus de nodige visa dienden snel aangevraagd te worden. Er moest nagekeken worden wat reismateriaal er nog moest bijkomen. Ook de dokter werd bezocht: een check-up, inentingen nakijken, en pillen tegen de hoogte ziekte.

naar boven

02 oktober 2009 - Kleine-Brogel - Doha

Onze vlucht naar Kathmandu vertrok om 7u05 in Schiphol. We moesten 2 uur voor het vertrek reeds op de luchthaven zijn. We hebben in Eindhoven de trein genomen om even over 5 uur in Schiphol aan te komen. Het was nog zeer kalm in Schiphol. Aan de gate stonden toch al enkele mensen te wachten. Zij gingen ook met de zelfde reisorganisatie naar Nepal en Tibet en zo maakten we al zeer vlug kennis. Na het inchecken gingen we met z'n alleen een kleine hap eten.

De vlucht naar Zurich verliep zonder problemen. In zurich moesten we overstappen op een vlucht naar Daho. We hadden ruim de tijd om wat rond te slenteren op het vliegveld en om iets te drinken. Na een vlucht van 6 uur kwamen we aan in Doha. We moesten te voet naar het luchthaven gebouw. Het was al 18u45 maar was het er nog zeer warm. In het gebouw was er wel een aangename temperatuur, de airco deed zijn werk goed. Hier moesten we ongeveer 6u30 wachten op onze vlucht naar Kathmandu. Op de luchthaven kon je onmiddellijk zien dat we in een islamitisch land waren. Zeer veel mensen die in de traditionele kledij liepen, een moskee ontbrak natuurlijk ook niet. Voor de rest was deze luchthaven gelijk alle andere. Diverse winkels met parfum, digitale toestellen, chocolade en merkkledij. Ook de nodige drank en eetgelegenheden ontbraken niet.

naar boven

03 oktober 2009 - Doha - Kathmandu

Shanker Hotel De wachttijd was relatief snel voorbij gegaan. Om 1u10 vertrokken we naar Kathmandu waar we omstreeks 8u45 landen op de internationale luchthaven van Nepal. Het was maar een klein vliegveld, in vergelijking met al de andere internationale vliegvelden die ik reeds gezien heb. Ondanks de eenvoudige uitrusting ging de afhandeling van de administratieve verplichtingen om het land in te komen zeer vlug. De passage bij de douane en het afhalen van onze bagage verliep ook zonder problemen. Onze reisbegeleider, Benti Benach, stond ons buiten al op te wachten. Het busje dat ons naar het hotel bracht, had het stuur rechts staan terwijl men in Nepal rechts rijdt. Ik ben nog altijd onder de indruk hoe de chauffeur zonder ongelukken door de warboel van auto's, fietsen, brommers en voetgangers zijn weg vond. Ons hotel lag ongeveer een 10 min wandelen van het centrum. De straten bestaan in Kathmandu veelal uit een soort asfalt, met enorm veel gaten en stenen. Aangekomen in het vijfsterren hotel Shanker werden de kamers verdeeld en kregen we bij een tas thee de eerste informatie over de komende dagen. Er werd een uitgavenpot gemaakt. Hiervan zouden dan alle fooien en alle niet inbegrepen maaltijden en excursies van betaald worden. Er werd ook verder kennis gemaakt met de andere medereizigers. Daarna gingen we op pad, geld wisselen, bijkomende pasfoto's te maken en iets eten.

Er waren diverse wisselkantoren en er konden zowel euro's en dollars gewisseld worden. Geld afhalen uit een automaat was ook geen probleem. De pasfoto's waren snel gemaakt maar niet onmiddellijk klaar. We aten op het terras van een restaurant gelegen in de Thamel wijk. Na het eten konden we vrij rondlopen in Kathmandu. Onze reisbegeleider Benti ging de nodige vergunningen in orde brengen voor de volgende dagen.

In Kathmandu proefde je direct de chaotische sfeer van de stad: rinkelende fietsbellen, een verdwaalde koe, straatverkopers, toeterende auto's, bedelende sadhus (heilige mannen), tuktuks en riksja's. Al slenterend door de smalle straatjes werd ik steeds weer verrast door de ontelbare prachtig versierde hindoeïstische tempels. Bijzonder is het dat het hindoeïsme en het boeddhisme in Nepal hand in hand gaan. Er zijn natuurlijk veel winkels. De meeste winkels in Thamel verkopen standaard souvenirs, maar er zijn ook winkels die zich gespecialiseerd hebben in wierook, thee, en outdoorspullen. Handig wanneer je een trekking in Nepal of Tibet wilt doen. Het is in de winkels zeer gebruikelijk om af te dingen. De verkoper noemt doorgaans een 2 keer zo hoge prijs als de echte prijs. Bij taxi’s zonder meter is het ook verstandig om vooraf een prijs af te spreken, hetzelfde geldt voor riksja’s.

Tussen de massa van mensen in deden de Nepalezen hun ding. Op bijna elke straathoek was wel een tempel te vinden, waar geofferd werd. Mensen plakten rijst en kleurstoffen op afbeeldingen van o.a. Buddha en verschillende Hindu goden. Voor elke tempel stonden ook wel verkopers, die behalve offers vaak ook nuttige zaken als groenten en fruit verkochten. Thamel is druk, heel druk. Overal waar je liep werden we aangeklampt voor zaken als geld wisselen, tijgerbalsem of grote Ghurka messen. Als je iets wou kopen was afbieden je geraden, anders was de prijs veel te hoog. Het is bijna niet mogelijk om enkel de weg te vragen aan deze mensen. Steeds hebben ze een rede om er geld voor te vragen; ofwel is er een familielid ziek, of heeft een familielid geen werk elke rede was goed. Het aantal bedelaars op straat valt erg mee. Alleen op enkele toeristenplaatsen zijn er een aantal. Ik had verwacht dat er veel meer zouden zijn. Het is soms moeilijk, maar het is veelal beter om geen geld te geven aan de bedelaars omdat dit het bedelen bevordert en het werken ontmoedigd.

Durbar is het Nepalese woord voor paleis. Durbar Square is de belangrijkste bezienswaardigheid en kloppend hart in Kathmandu. Durbar Square wordt in de meeste gevallen als marktplaats gebruikt. Het krioelt er van mensen, taxi’s, heilige koeien, fietsriksja’s en straatkinderen. Ondanks het feit dat het Durbar Square van Kathmandu niet goed is onderhouden, is het toch een bezoek waard. Er staan meer dan 50 tempels en andere religieuze monumenten. De oudste tempel dateert uit de 12de eeuw en het belangrijkste gebouw is het koninklijk paleis. Andere bekende tempels zijn de Kasthamandap tempel, de Taleju tempel en het huis van de Kumari, de levende godin. Net als een aantal Nepalese tempels en nationale parken staat het plein sinds 1979 op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

Vervoer naar het hotel In de Kathmandu is er veel vervuiling. De auto’s zijn oud, en het krioelt van de motoren, zelfs in de aller-smalste straatjes. Om terug te gaan naar het hotel hadden we maar een beroep gedaan op een riksja. Iedereen was toch een beetje moe van de reis. Na een discussie over de prijs, werd er bedongen dat er per koppel 10 roepies betaald zou worden. Het werd een onvergetelijke tocht. Een mager mannetje op een versleten fiets met een kar achter deed zijn uiterste best om ons veilig tussen het verkeer te loodsen. Het was een helse karwei daar hij niet op zijn zadel kon zitten omdat dit volledig versleten was. Aangekomen bij het hotel hebben we hem toch meer betaald, dat had hij volgens ons wel verdiend.

'S avonds zijn we met z'n allen lekker gaan eten in Kathmandu. Benti, onze reisbegeleider kende deze stad als zijn broekzak. Waar hij ons naar toebracht wist niemand en na een tijdje was iedereen zijn oriëntatie kwijt. Dan weer links, dan rechts en nog eens rechts links niemand wist het nog. Wat we wel reeds wisten was dat Benti graag ergens hoog zat om te eten. We aten steeds op de hoogste verdieping in openlucht, maar daar de temperatuur heerlijk was, vormde dit geen probleem. Waar we ook zaten speelde echter geen rol. Het eten was heerlijk. Na het eten zijn we via een andere weg terug naar het hotel gewandeld. Iedereen ging tijdig slapen want morgen wachtte ons weer een lange dag.

naar boven

04 oktober 2009 - Kathmandu

kaart Kathmandu Het ontbijt in het hotel was in buffetvorm. Er was voldoende keuze. Je kon kiezen uit een Engels, Amerikaans, continentaal of Nepalees ontbijt. Dus voldoende keuze want je kon ook alles door elkaar nemen. Vandaag stonden er 3 uitstappen op het programma; Swayambunath, ook wel Apentempel genoemd; het hindoeïstische tempelcomplex Pashupatinath en Bodhnath, de grootste stupa van Nepal. We hebben voor deze uitstappen weer ons busje ter beschikking.

een Sadhus met mijn vrouw
Swayambunath is het oudste boeddhistische tempelcomplex van Nepal en ligt op een heuvel 2 km buiten de hoofdstad. De enorme witte stupa van Swayambunath is het symbool van het boeddhistische Nepal. Het prachtige bouwwerk wordt dan ook druk bezocht door boeddhistische monniken en pelgrims. Vanaf Swayambunath, ook wel Apentempel genoemd heb je een prachtig uitzicht over Kathmandu. Beneden aan het tempelcomplex stonden enorm Boeddha beelden. Aan een van deze beelden maakte ik een foto van een sadhus (heilige man?) samen met mijn vrouw. Een foto maken is natuurlijk niet gratis en er werd een prijs afgesproken van 10 roepies. Na de foto gemaakt te hebben vroeg de zogenaamde heilige man 20 roepies. Ik wou hem enkel de afgesproken som geven maar hij wou deze niet aannemen en eiste 20 roepies. Dus heeft hij niets gekregen. Een boedhistische monnik die het ganse gebeuren aandachtig had gevolgd zei heel stilletje tegen mij: He's not a holy men. Na het beklimmen van de meer dan 300 trappen kwamen we boven aan het tempelcomplex. Het uitzicht op Kathmandu was inderdaad overweldigend. Deze tempel wordt niet voor niets ook Apentempel genoemd. Deze beesten zijn overal aanwezig en worden beschouwd als heilige beesten. Tassen goed toe of ze werden leeggehaald. Niet eten of snoepen, de beesten pakten het gewoon af. En vooral oppassen dat ze je niet bijten want de meeste zijn blijkbaar besmet met HIV. Zowel langs de weg naar boven als de weg naar beneden waren royaal voorzien van de traditionele gebedsvlaggen.

Pashupatinath, lijkverbranding In het hindoeïstische tempelcomplex Pashupatinath mochten we niet binnen, alleen hindoes mochten deze tempel bezoeken. Maar buiten het complex liggen de ghats (rituele bad- en ceremonieplaatsen) aan de heilige rivier Bagmati. Vanaf de overkant van de rivier kon je een blik op de tempel werpen. Op het ogenblik dat wij bij het complex kwamen waren er enkele crematies bezig. Er mocht vrij gefotografeerd worden. Sommige fotografen hadden totaal geen eerbied voor de familie, zij zouden bij wijze van spreken de familie van het lijk verdrijven. Bij dit deel van de rivier was het een drukte van belang, groepen mensen bereiden hun offers voor, anderen offerden, en ondertussen werden er lijken verbrand en uitgestrooid in de rivier. Deze lijkverbrandingen vinden dag en nacht plaats, zeven dagen per week. En terwijl aan de ene kant van de rivier mensen hun doden actief vereerden, zaten aan de andere kant van de rivier tussen de tempels mensen op hun gemak toe te kijken, ouders met kindjes en verliefde stelletjes. De geur van verbrand vlees drong door in je neus, maar toch was het geheel zo onwerkelijk dat het geenszins morbide overkwam. Eerst werd het lijk gewassen en daarna in witte doeken gedraaid. Dan werden de voeten in de rivier gewassen. Na nog een aantal rituelen werd het lijk dan verbrand. Sommige lagen in een doodskist, deze kist werd niet verbrand maar in de rivier gelegd. Een paar honderd meter verder werden de kisten weer opgevist. Ook de kleren van de overledene werden op deze manier gerecycleerd. Na de crematie werd dan ook de assen van de overledene in de rivier gestrooid. Ik vond het een indrukwekkende gebeurtenis. Ook hier was er een verschil tussen arm en rijk. De rituelen voor de rijken waren iets uitgebreider.

stupa Bodhnath Om Bodhnath te bereiken, reden we een stuk langs de heilige rivier, heilig omdat hij in de Ganges uitkomt. Op sommige plaatsen was deze rivier een echt stort. Alles, maar dan ook alles werd er in gedeponeerd. Een paar meter verder zag je iemand een bad nemen, bezig met afwas of werden er kleren gewassen. De rivier moet wel heilig zijn, want de Nepalezen worden er niet ziek van. Bodhnath, de grootste stupa van Nepal ligt aan de rand van de stad Kathmandu. Alvorens deze stupa te bezoeken hebben we op een dakterras gegeten met een zeer mooi uitzicht op de stupa. Ik vond dit de mooiste plaats in Kathmandu. Rust en nog eens rust. Het was er wel druk maar er was geen verkeer toegelaten, dus geen getoeter van auto's en brommers en geen gebel van fietsers. Na het eten hebben we Bodhnath verder verkend. We zijn samen met de vele Tibetaanse pelgrims rond de stupa gelopen. Ook de 3 terrassen van de stupa hebben we beklommen. Het is precies of de ogen van Boeddha de omgeving afspeuren en zo de Nepalezen en Tibetanen behoeden voor onheil. Rond de stupa lagen er diverse Tibetaanse winkeltjes en restaurantjes. Een ideale plek om een tijdje te verblijven dus, alles wat je nodig hebt is er.

Na het bezoek zijn we weer naar het hotel gereden. Wat opfrissen om dan weer naar ergens te gaan eten. Morgen verlaten we Kathmandu en rijden naar Panauti. Vandaar zal onze driedaagse voettocht vertrekken.

naar boven

05 oktober 2009 - Kathmandu - Panauti

Na het ontbijt zijn we met de bus naar het historische plaatsje Panauti gereden. Alvorens we op de hoofdweg naar Panauti waren, hebben we pas echt kennisgemaakt met het verkeer in Kathmandu. Opstoppingen, negeren van het rode lichten, negeren van de bevelen van politieagenten, het was een ramp. Eenmaal op de hoofdweg was het niet beter. Dit was geen weg maar een bouwwerf. Overal was men aan het werken. En het verkeer slenterde er door. Te voet kwam je sneller vooruit. Onderweg stond ook het bezoek aan twee Tamang-dorpjes (Bungamati en Khokhana) op het programma. Na de middag was dan het oude Newari-stadje Panuti aan de beurt. Slapen deden we in het eenvoudig Panauti hotel.
handwerker In Khokhana is het net of de tijd is blijven stilstaan. De mensen lieten zich hier gewillig fotograferen. We slenterden door de straatjes en bewonderden de kleine - meestal vervallen huisjes met het prachtige beeldhouwwerk. Hier wonen nog echte kunstenaars vooral in het houtsnijwerk. Het graan lag gewoon op straat om te drogen. In de hoofdstraat ligt de Shekala Mai tempel (ook bekend als Rudrayani). Het vijfdaagse Khokana Jatra festival, met gemaskerde dansers, wordt meestal gehouden in oktober. Het tweede dorpje dat we bezochten was Bungamati en is een van de mooiste dorpen in de vallei. De nederzetting ligt tegen een heuvel en wordt omringd door akkers. Moderne invloeden lijken hier wel voorbije zijn gegaan. In het dorpje dat dateert uit de 16de eeuw mogen geen auto's rijden. In de hoofdstraat staan fraaie ministoepa's, met aan elke zijde boeddhabeelden. Het tempelplein dient tevens als dorpsplein. Dit historische dorp is de geboorteplaats van Rato Machhendranath, de beschermheilige god van Patan. De Rato Machhendranath tempel en Bhairab tempel spelen een enorm belangrijke rol in het religieuze leven van de vallei. Alvorens verder te rijden naar Panauti zijn we nog pannenkoeken gaan eten. Deze met banaan en choco vond ik heerlijk.

Panauti Rond 14u30 uur arriveerden we in Panauti. De rit naar Panauti, dat ongeveer 32 km van Kathmandu ligt, duurde, de tijd van de bezoeken afgetrokken, ongeveer 2 uur. De tijd spreek voor de staat van de wegen. Het Panauti hotel was eenvoudig maar de iedereen had douche en wc op de kamer. Echt zuiver was het hotel niet, maar het was maar voor 1 nacht. De ontvangst was in elk geval zeer goed. Alvorens we het dorpje mochten intrekken moesten we eerst een welkomst drinken. Samen met onze Nepalese gids die ons ook ging vergezellen op onze driedaagse voettocht dwaalden we door de kleine straatjes van Panauti. We wandelden eerst langst de rivier tot aan tempel van Brahmayani. Deze tempel ligt de bewoners van Panauti na aan het hart. Hij dateert van de 17de eeuw en werd in 1981 door een team Fransen gerestaureerd. We bezochten ook de tempel met drie daken van Indreshaw Mahadev. Deze shivatempel dateert uit de 15de eeuw en is vandaag waarschijnlijk de oudste tempel van het land die nog in originele staat verkeert. Acht leeuwen verzekeren een oplettende wacht. De ruwhouten maar heel fijn bewerkte stutten stellen alle goden en godinnen van de Mahabharata voor.

's Avonds werd er gegeten in het hotel. We hadden deze middag reeds een Nepaleesbuffet besteld. Het eten was zeer goed. Na het eten werden er nog wat biertjes gedronken.

naar boven

06 oktober 2009 - Panauti - Dhulikhel

Dhulikhel Na het ontbijt dat bestond uit geroosterd brood, pannenkoekjes, omelet en thee, maakten we onze dagrugzakje klaar. De andere bagage werd naar het hotel in Dhulikhel vervoerd. We kregen ook een lunchpakket mee. Dit bestond uit 2 boterhammen, een gekookt eitje, een lapje kaas en een doosje appelsiensap. De eerste drie uren liepen we midden tussen de plateaus van rijstvelden en akkerbouw. De temperatuur was heerlijk. We passeerden verschillende kleine dorpjes en voor de scholen in deze dorpjes hadden we volleyballen meegebracht. De natuur was eenvoudig prachtig, ik werd er stil van. Hopelijk laten de Nepalezen hun natuur ongerept zo als ze is. Het zou spijtig zijn moest dit moois allemaal verdwijnen door de zogenaamde vooruitgang.

Namobuddha Benti onze reisbegeleider had ook een voorliefde voor shortcuts. Maar dat waren niet altijd de gemakkelijkste paden. Na een adembenemende tocht door de prachtige natuur en kleine dorpjes bereikten we tegen de middag het kloostercomplex Namobuddha. De stupa en het klooster van Namobuddha zijn een belangrijk pelgrimsoord. Alvorens de tempel de bezoeken hebben we gebedsvlaggen opgehangen. De bedoeling van gebedsvlagen is dat de gebeden die er opstaan door de wind heel de wereld rondgaan. Ons lunchpakket hebben we samen met de monniken opgegeten. De legende tot het bouwen van het klooster gaat over Boeddha die een uitgehongerde tijgerin met haar welpen tegenkomt. De barmhartige Boeddha biedt zichzelf aan als voedsel voor haar jongen. Een stenen gedenktafel op de heuvel verwijst naar de legende. Vanaf Namobuddha hadden we de keuze tussen een lange of korte route naar Dhulikhel, variërend van twee tot vier uur wandelen. We opteerden voor de korte route tot aan de verbindingsweg naar Dhulikhel. Daar hebben we dan de bus genomen, en zoals het gebruikelijk is in Nepal als de bus vol is, het dak op. Dus meeste van onze groep kozen dan ook voor het dak. Dit was ook een adembenemende rit. Soms reed de bus op enkele centimeters van een afgrond en kon je 20 tot 30 meter in de diepte kijken.

naar boven

07 oktober 2009 - Dhulikel - Nagarkot

Tea time Vandaag ging de wandeling van Dhulikhel naar Nagarkot. De busrit van gisteren speelde mij deze morgen parten. Dus dan maar de nodige medicijnen tegen de rugpijn en hopen dat we vandaag niet te veel last hebben. Oorspronkelijk was Nagarkot een legerpost, maar tegenwoordig is de strategische functie van de plaats geheel overschaduwd door het toerisme. In Nagarkot zelf is buiten het fabelachtige panorama op de toppen van het Himalayagebergte niet bijster veel te doen.

We vertrokken vroeg en kregen in het hotel een lunchbox mee. De tocht voerde ons door een bosrijke omgeving, over heuvels, langs rijstvelden en kleine dorpjes. In het bos was er altijd wat te horen. Vooral de krekels staken er boven uit. In de scholen die we tegen kwamen werden er weer volleyballen achtergelaten. We waren vertrokken met een heldere hemel maar gaande weg werd het meer en meer betrokken. Tijdens onze picknick begon het al wat regen te vallen, maar gaande weg regende het harder en harder. In de bossen werd het zeer stil. Alle dieren waren blijkbaar ergens aan het schuilen. Onderweg hebben we in een motel, bij ons zou dit een krot genoemd worden, warme thee gedronken. Benti ging mee kijken of het water wel degelijk gekookt werd, zodat er niemand ziek zou worden. Toen we tegen het eind van de middag in
Nagarkot aankwamen regende het nog steeds. Normaal zouden we vanuit het hotel een fantastisch uitzicht op de Kathmanduvallei en de wit besneeuwde toppen van Drojee Lakpa, Langtang en Ganesh Himal hebben, maar de regen besliste er anders over. Omdat er morgen weer regen voorspeld werd zouden we met de bus naar Bhaktapur reizen. Dit had wel als voordeel dat we een paar uur meer in Bhaktapur konden rondkijken. Omdat het 's avonds nog steeds regende hebben we in het hotel gegeten. De katten liepen hier de keuken in en uit, ondenkbaar in België. De luchtvochtigheid was zeer groot want ondanks de hoge temperatuur droogden onze kleren niet.

naar boven

08 oktober 2009 - Nagarkot - Bhaktapur

Hotel NagarkotWe hadden pech, door de regen en de mist konden we geen toppen zien. Nagarkot is vooral het eindpunt van een interessante tocht te voet of per mountainbike vanaf Bhaktapur. Je kunt Nagarkhot ook met het openbaar vervoer vanaf Bhaktapur bereiken. Het slimst is dan ook met de bus naar Nagarkot te reizen en te voet via Changu Narayan terug te keren, tenzij je liever klimt dan afdaalt. Over deze tocht doe je ongeveer 3 uur. Door de regen hebben dus deze voettocht gemist. Vroeger was Bhaktapur alleen te voet, via de route die wij vandaag normaal zouden lopen, bereikbaar. Maar het regende nog steeds. Daarom was de beslissing om de wandeling te schrappen en met de bus naar Bhaktapur te rijden een goed idee. Als we na een rit van een paar uur aankwamen regende het nog een beetje. Eerst werd de bagage afgeleverd in het hotel. Daar we te vroeg waren werd de bagage in een afgesloten ruimte bewaard. Na het drinken van een tas thee zijn we Bhaktapur gaan bezoeken.

Bhaktapur De entree voor de historische stad Bhaktapur bedroeg 300 roepie maar was in de prijs van de reis inbegrepen. Onmiddellijk werden we belaagd door verkopers, gidsen en bedelaars. We hadden echter onze eigen Nepalese gids bij en van de rest trok ik me weinig aan, gewoon negeren en ze lieten je na een tijdje wel met rust. Het tijdloze Bhaktapur is een verademing na het drukke Kathmandu. Dit stadje werd opgenomen in het project Erfgoed van de Menselijke Beschaving van de Unesco. Je waande je hier regelrecht in de Middeleeuwen. Gelukkig werd het gemotoriseerd verkeer zwaar teruggedrongen, waardoor de sfeer authentiek blijft. Bhaktapur ademt mede daardoor nog echt een middeleeuwse sfeer uit. De meeste bewoners gaan vaak nog traditioneel gekleed. Aan de bestrating kon je duidelijk zien dat de stad gerestaureerd is. De huidige gebouwen stammen uit lang vervlogen tijden, de meeste uit de zeventiende eeuw. Langs de straat en voor de okerbruine woonhuizen zit de bevolking oude ambachten uit te oefenen. We bezochten achtereenvolgens Taurnahdi Tole (Tole = plein), Golmahdi Tole en Tachupal Tole. Aan al deze pleinen liggen oeroude gebouwen en tempels. We kregen er een deskundige uitleg van onze Nepalese gids.

naar boven

09 oktober 2009 - Bhaktapur - Kathmandu

Bhaktapur Deze voormiddag hadden we vrije tijd om Bhaktapur met haar middeleeuwse taferelen verder te bekijken. De tempels op het Durbarplein zijn sprookjesachtig en je kunt hier uren zitten kijken naar de vele tempels en de mensen die er op af komen. Bhaktapur is echt een groot openluchtmuseum. Er is een overvloed aan middeleeuwse gebouwen met bijzonder fraai houtsnijwerk.

Na het middageten reden we met de bus terug naar Kathmandu. Onderweg was het zeer druk en de wegen waren niet altijd in goede staat. We hebben ongeveer 2u30 gereden over de laatste 20 km. We overnachten weer in het Shanker hotel. Morgen vertrekken we naar Lhasa. De laatste nacht van onze reis verblijven we ook weer in dit hotel. We konden dus alle souvenirs die we reeds gekocht hadden in het hotel laten.

naar boven

10 oktober 2009 - Kathmandu - Lhasa

Zicht vanuit het vliegtuig Vandaag was het weer vroeg dag. Om 7u vertrokken we met de bus naar de luchthaven waar we om 8u aankwamen. We vlogen over de toppen van de Himalaya naar Gongkar, de luchthaven van Lhasa. Het was helder weer en we konden de Mount Everest zien schitteren. Het vliegveld lag 60 km van Lhasa verwijderd. Op de luchthaven werden we eerst gecontroleerd op griep en dan werd de bagage gecontroleerd op verboden lectuur. Foto's van de Daila Lama vallen hier ook onder. Bij aankomst aan de bus kregen we allemaal een witte sjaal, als blijk van welkom in Tibet. Tijdens de ongeveer anderhalf uur durende busrit konden we al volop genieten van het landschap vooraleer we in Lhasa, de op 3600 meter hoogte gelegen hoofdstad van Tibet, aankwamen. Onderweg werd er gestopt aan een rots met een beschilderde Boeddha. Om een voorspoedige reis te hebben was het de traditie dat je enkele stenen in je sjaal bond en deze dan samen met de sjaal naar de Boeddha slingerde. Bij de ene ging dit al beter dan bij de andere.

Het hotel lag juiste buiten het Tibetaanse centrum van de stad. Na de bagage in ons kamer gedropt te hebben, gingen we samen op verkenning uit. Het tempo dat Benti aanhield was onmiddellijk te snel voor mij. Het was precies of ik 10 km gelopen had. Een beetje trager en het ging dadelijk veel beter. We wandelden door de Tibetaanse wijk tot aan de overkant. In een restaurant gingen we thee drinken. Benti had voor ieder van ons thee gekocht op basis van look en gember. Hier moesten we nu, deze avond en de volgende morgen van drinken. Dit zou helpen tegen de hoogte ziekte. In het restaurant werd ook onmiddellijk gereserveerd voor het avondmaal.

Lhasa Dat Lhasa nog steeds het kloppend hart van Tibet is, was goed te merken. Verschillende Tibetaanse volkeren bezoeken de stad om voorraden in te slaan, zaken te doen, een schreeuwende karatefilm te bekijken of zelfs de disco te bezoeken. Khampa-mannen die een potje poolbiljart spelen en hun, met prachtige sieraden uitgedoste vrouwen, gaan bij de juwelier op zoek naar nog een stuk turkoois, amber of bloedkoraal. Monniken op hun afgetrapte gympies, een klein klooster waar je samen met de nonnen een kommetje yakboterthee drinkt. Dit alles vind je in Lhasa.

Maar Lhasa heeft naast een Tibetaanse wijk ook een Chinees centrum vol moderne gebouwen, restaurants en winkels. De contrasten zijn hier groot. Door de aanwezigheid van de Chinese militairen kon je duidelijk zien dat Tibet bezet is en geen autonome provincie van China. Op vele daken stonden militaire wachtposten op uitkijk. Om de 10 min kwam je een militaire patrouille tegen. Zij liepen het liefst tegen de stroom in. Iedereen moest uit de weg want ze liepen je gewoon om.

Na de thee hebben we een van de mooiste plaatsen om met het religieuze Tibetaanse leven kennis te maken bezocht: Barkhor. Het plein, de Jokhang-tempel, de markt en de pelgrimsroute om de tempel zijn allemaal ervaringen die steeds op mijn netvlies zullen blijven staan. Het pelgrimscircuit is vol winkels, kraampjes en straatverkopers die elk bedenkbaar product verkopen die een Tibetaan nodig mocht hebben: gebedsvlaggen, bontmutsen, tempelklokken, gebedssnoeren, thanka's, beelden, schoenen, yakboter en nog veel meer. Vooral 's morgens en in de middag was het zo druk dat je vanzelf met de pelgrims in de goede richting liep: met de klok mee en om de grote palen vol gebedsvlaggen heen. Fotograferen was geen probleem. Maar ditmaal was ik het fotomodel van dienst, vooral mijn baard. Tibetanen hebben weinig baardgroei en verschillende monniken wilden met mij op de foto.

Het was een drukke dag. Eerst wat verfrissing in het hotel en daarna hebben we van een heerlijke maaltijd genoten in een restaurant.

naar boven

11 oktober 2009 - Lhasa

Drepungklooster Na het buffetontbijt hebben we het Drepungklooster bezocht. Drepung klooster (letterlijk "Rijst hoop" klooster) is een van de "grote drie" Gelukpa universiteit kloosters van Tibet. De andere twee zijn Ganden en Sera. Drepung is gelegen op de Gambo Utse berg, 5 kilometer van de westelijke voorstad van Lhasa. Deze verplaatsing werd met de bus gemaakt.

Na de uitleg van een Tibetaans gids hadden we de vrije tijd om het klooster te bezoeken. In dit klooster waren er volop restauratie werken bezig. Het aanleggen van het platte dak was wel iets bijzonders. Men maakte een specie van beton, dit werd dan op het platte dak aangebracht en dan gelijk gestampt door de vrouwen. Zij gingen op rijen staan en op het ritme van het gezang stampten zij het beton aan met hun voeten en de stokken, met vanonder een vierkantig plaatje, die zij in hun handen hielden. Geen gemakkelijke karwei want Bert van onze groep had even meegedaan.

naar boven

12 oktober 2009 - Lhasa

Potala Vandaag stonden de Potala en de Jokhangtempel op het programma. Daar deze beiden gebouwen op loopafstand lagen werden de verplaatsingen te voet gedaan. Ook hier kregen we een Tibetaanse gids mee. Niets mag alleen bezocht worden. Bange bange chinezen. Er waren strenge veiligheidscontroles bij het betreden van de Potala. De rugzakken werden gecontroleerd en er mocht geen drank mee binnen genomen worden. Er waren dagelijks maar een beperkt aantal toegangsbewijzen beschikbaar voor de Potala, daarbij wijzigde de procedure om deze te verkrijgen dusdanig dat het niet altijd zeker was of het bezoek zou doorgaan ook al was vooraf gereserveerd. We kregen maar een uur voor het bezoek aan het Paleis. Na een uur moest iedereen buiten zijn of de gids verloor zijn vergunning en dus zijn inkomen. Bij ons noemt men dit pesten op het werk. De Potala, met z'n dertien verdiepingen en meer dan 117 meter hoge muren, bepaalt dit gigantisch bouwwerk nog steeds het stadsbeeld van Lhasa. De Potala was vroeger de winterresidentie van de Daila Lama's. Het complex bestaat uit een wit en een rood paleis met een klein geel gebouw ertussen.

Potala Het witte paleis was voor seculier gebruik. Het bevat de woonvertrekken, de kantoren, het seminarium en de drukkerij. Het rode paleis met haar vele had een religieuze functie. Naast talloze tempels bevat het rode paleis ook de gouden tombes van de Daila Lama's. In het middelste gele gebouw zijn de enorme, met heilige symbolen geborduurde, rolschilderingen (thanka's) opgeborgen die tijdens de nieuwjaarsfeesten over de zuidkant van het paleis werden uitgehangen. Bij het beklimmen van steile trappen van 150 meter voelden we wel dat we op grote hoogte zaten. Na enkele treden trappen we al allemaal op onze adem. Het tempo ging onmiddellijk naar beneden en tijdens de beklimming werd er regelmatig gerust. Spijtig dat we niet meer tijd kregen om dit zeer mooie gebouw te bezoeken. In de meeste kamers hadden we gewoon geen tijd, snel de kamer in en uit en dat was het. Volgens onze gids beweerden de Chinezen dat het gebouw niet stabiel meer was. Daarom kregen de bezoekers maar een uurtje om iedereen de gelegenheid te geven om dit gebouw te bezoeken. En fotograferen was natuurlijk ook niet

Jokhantempel De Jokhantempel werd tussen 643 en 647 gebouwd in opdracht van koningin Bhrikuti, de Nepalese vrouw van koning Songtsen Gampo. Deze indrukwekkende tempel is zeker meer dan een bezoek waard. Devote pelgrims, reciterende monniken, de ranzige lucht van de yakboter, de enorme boeddhabeelden, de honderden kapellen, de gebedsmolens, de boterlampjes, het leek wel of de tijd honderden jaren stil is blijven staan. Het was echter zeer druk in de tempel. Ik was dus blij dat het binnenbezoek niet te lang duurde want het was een enorm gedram om binnen de tempel iets te kunnen zien. Gelukkig dat buiten de tempel er ook nog voldoende te zien was. Voor de Jokhang Tempel liggen en knielen tientallen pelgrims, die van uit heel Tibet hier speciaal naar toe komen, om te bidden en offers te brengen. Boven op de Jokhang Tempel had ik een prachtig uitzicht over de stad en in de verte zie je het meest bekende en belangrijkste gebouw van Lhasa liggen, nl. het enorme Potala-paleis van de Dalai Lama.

naar boven

13 oktober 2009 - Lhasa/excursie Gandenklooster

rit naar Gandenklooster Vandaag hebben we het Gandenklooster bezocht. Het was een facultatieve uitstap, maar we hadden voor het vertrek reeds beslist om alle uitstappen mee te doen. De bus met onze Tibetaanse gids stond ons 's morgens al bij het hotel op te wachten. Het werd een fantastische rit naar dit hoger gelegen klooster. De weg was sedert een aantal jaren geasfalteerd en dus goed bereidbaar. Na diverse haarspeldbochten bereikten we na ongeveer 1u30 rijden het Gandenklooster.

Dit klooster is gesticht in 1409 door Zongkapa en is een van de meest spectaculaire plekken van Tibet. Het ligt op 4500 meter hoogte en 40 kilometer westen van Lhasa. Het Gandenklooster is de bakermat van de Gelugpa-sekte en is bij het begin van de culturele Revolutie bijna geheel verwoest. Momenteel werd het intensief gerestaureerd, dit enkel voor de toeristische inkomsten. Ook hier waren de militairen weer goed vertegenwoordigd. Er werd bij het klooster een groot militair kamp gebouwd met waterkanonnen en al. Men had blijkbaar schrik dat er vanuit dit klooster zoals in 2008 weer een betoging tegen de bezetting van Tibet zou

Gandenklooster In Ganden hebben we eerst de pelgrimsomgang (kora) gelopen. De wandeling van ongeveer een uur leidde (uiteraard) rechtsom om het klooster en achter de berg om. Na een korte klim bereikten we een punt waar veel gebedsvlaggen hingen. De gebedsvlaggen worden opgehangen om de gebeden die erop staan door de wind te laten verspreiden. Elke kleur van de vlag heeft een symbolische betekenis, blauw is het water, groen is metaal, rood is vuur, geel is aarde. We hadden een zeer mooi uitzicht op de Kyichuvallei en de besneeuwde toppen. Tijdens de rondgang liepen we op een smal bergpad en hadden we een prachtig uitzicht op de Kyichu-vallei en de besneeuwde bergen. Aangezien we hier weer 700 meter hoger waren dan in Lhasa, was elke inspanning vermoeiend. Na een tijdje kwamen ook de gieren een kijkje nemen. In dit klooster worden de lijken buiten op een heilig plaats gelegd. De gieren eten dan de menselijk vlees op tot er allen nog botten resten. Deze botten worden dan verbrand.

De rondgang eindigde midden tussen de gerestaureerde gebouwen van het klooster. Het volgende gebouw dat we betreden was de gebedsruimte. Op de grond lagen weer de inmiddels bekende rijen rood gekleurde kussentjes waar de monniken op plaatsnemen tijdens ceremonies. De pilaren waren bedekt met gekleurde stoffen. Nadien hebben we de drukkerij bezocht waar Tibetaanse gebedsboeken met de hand gedrukt en verzameld worden. Eén monnik was bezig een tekst van de pagina uit te snijden uit een houten plank. Een beetje verder was men aan het drukken. De ene monnik hield met zijn voeten het plankje vast, smeerde met een spons wat inkt op het plankje en de andere monnik legde er een blaadje op. De eerste monnik pakte vervolgens en rubberen rol en hiermee drukte hij het blaadje stevig op het plankje. Het stempelen van de pagina's ging razend snel. Op deze manier zijn er al duizenden pagina's vervaardigd. In het volgende gebouw zagen we de gouden tombe van Tsong Khapa. Een gammele trap voerde naar de zaal die Yangchen Khang wordt genoemd en die een grote chorten herbergde waarin enkele stoffelijke resten van Tsong Khapa zijn ondergebracht. De oorspronkelijke chorten werd tijdens de culturele revolutie verwoest door leden van de Rode Garde. Verder bevindt zich hier een troon waar alleen de Dalai Lama en de leider van de geelmutsenorde (Ganden Tripa) plaats mogen nemen. Op bepaalde plaatsen was men bezig met herstellingswerken. Vooral het verven was een zeer geduldig werkje. In dit klooster konden we weer duidelijk de Chinese overheersing van Tibet zien.

Sera-kloosterdorp Na een kopje soep gegeten te hebben in het restaurant waar we ook gisteren avond gegeten hadden, bezochten we het Sera-kloosterdorp. Dit lag drie kilometer ten noorden van Lhasa aan de voet van de Tatipu-heuvel. Het is kleiner dan Drepung maar was ooit bijna even rijk en machtig. Sera was beroemd om z'n tantrisch onderwijs. 's Middags kun je vaak een bijeenkomst in de debattuin meemaken. Je kunt zien hoe de jonge aankomende monniken zich bekwamen in de kunst van het debatteren. We hebben de monniken heftig horen discussiëren, maar we verstonden er natuurlijk niets van. Het was wel een wonderlijk schouwspel. In het klooster zelf zijn we niet geweest. De buitenkant was mooi genoeg om van te genieten.

naar boven

14 oktober 2009 - Lhasa - Samye

Vandaag zou het mooiste deel van onze reis beginnen: de tocht over land naar Kathmandu, vooral het landschap zou de moeite waard zijn. Na het ontbijt stonden de jeeps ons al op te wachten. We kregen ook weer een begeleider mee. Geen enkele buitenlander mag in Tibet een voertuig besturen en reizen zonder begeleider. Er mag ook niet van de route afgeweken worden. Bij het eerste checkpoint was het al prijs. Blijkbaar was een van de chauffeurs niet volledig in orde. Na een uurtje discussiëren en het betalen van een boete (smeergeld?) mochten we toch verder.

boottocht naar Samye De weg van Lhasa naar Samye ging oostwaarts langs de zuidelijke oever van de Yarlung Zangbo, ook wel de heilige Bhramamputra genoemd. Na ongeveer drie uur gereden te hebben, met onderweg wel een stop voor een bezoek aan en klooster en een lekkere picknick, kwamen we aan bij de veerdienst. We namen alleen het hoogst nodige mee, de rest bleef op de jeeps. Het duurde een tijdje eer men het motortje van het bootje kon starten. De kapitein heeft de ganse rit staan proesten, daar hij recht in de uitlaat gassen stond. Tijdens de tocht tegen de stroom in en tussen de zandbanken door genoten we van het mooie landschap. Na ongeveer 1u30 uur bereikten we de overkant van de rivier waar we overstapten op de bus die ons al stond op te wachten. Al hobbelend bereikten we ons hotel in Samye. Er was geen stromend warm water maar er waren wel thermosflessen met heet water voorhanden. Na een verfrissing waren we weer present om het eerste klooster van Tibet te bezoeken.

Het
Samye-klooster werd in 779 gesticht door Tritson Detsen, de tweede Religieuze Koning, daarbij geholpen door twee boeddhistische leermeesters uit India: Shantaraksita en Padmasambhava. Na het bezoek aan het klooster zijn we in een klein eethuis met z'n allen chinees gaan eten. Een menu met 6 gangen, 3 vlees menu's, 3 vegetarische menu's en drank. De voedselprijzen in Tibet liggen zeer laag, per persoon betaalden we 2,5 euro voor dit zeer lekkere eten.

naar boven

15 oktober 2009 - Samye

Chimpu klooster Chimpu klooster Chimpu klooster Vandaag stond de excursie naar het Chimpu klooster op het programma. Samye Chimpu is een retraite centrum op een berghelling ten oosten van Samye klooster. Vanuit het klooster is het 4,5 km in vogelvlucht naar de parkeerplaats aan de voet van de berg. Vanaf hier leidt een spoor naar de eerste van de retraite grotten op ongeveer 4300 m hoogte. Volgens de traditie zijn er naar verluidt 108 retraite grotten en schuilplaatsen hier, maar de lokale bevolking beweert dat er eigenlijk 113 zijn. Het was hier dat Padmasambhava in het jaar 776 in 24 dagen ingewijd werd in de Mahayoga tantra. De belangrijkste tempel van het complex is verder omhoog tot 4500 m. Hoewel vernield tijdens de Culturele Revolutie is het grootste deel van het complex gerestaureerd en er zijn momenteel zo'n 300 nonnen en 20 tot 30 monniken hier in residentie. Met de bus werden we over een hobbelige weg naar het beginpunt van de korla (pelgrimsroute) gebracht. Op sommige plaatsen kon je van een weg niet spreken. Een hoop stenen waar we over reden is een betere omschrijving. Vanaf hier was het een kleine drie uur wandelen en klimmen naar het Chimpu klooster. Alvorens we aan de klim begonnen hebben we lekker gepicknickt. Onderweg brachten we een bezoek aan het vrouwenklooster en aan een of meerdere grotwoningen waar pelgrims, monniken en nonnen woonden. Het uitzicht vanaf het Chimpu klooster was werkelijk fantastisch en onvergetelijk mooi. Met enkelen hebben we de terugtocht naar Samye te voet gedaan. Ik vond dit veel gezelliger, geen hobbelende bus meer. We hebben op de zelfde plaats gegeten als gisteren.

naar boven

16 oktober 2009 - Samye - Gyanze

Khamba-La 4794 m Karo-La 5045 m Na een vroeg ontbijt, pannenkoeken met appel, vertrokken we met de bus terug naar de rivier. Gaten ontwijken in de weg stond blijkbaar niet in het woordenboek van de chauffeur. We namen opnieuw het veerbootje. Het was koud op de rivier. Iedereen had een extra jas of trui aan, maar we genoten van de besneeuwde bergtoppen op de achtergrond. Het oversteken van de rivier ging een stuk sneller nu. We hadden nu de stroom mee. Aangekomen aan de andere oever kwam de zon er ook weer door.

Gletsjers We vervolgden de weg per jeep. Nadat we de afslag naar Gyanze (ook wel geschreven als Gyantse) genomen hadden begon de de beklimming van onze eerste pas. De jeep bracht ons steeds hoger en ondertussen konden we genieten van de vergezichten. Onderweg stopten we nog voor een tasje thee. Uiteindelijk bereikten we de top van de Khamba-La (la betekent pas) (4794 meter) vanwaar we een prachtig uitzicht hadden over Yamdrok Tso. Dit azuurblauwe meer, dat we na de afdaling nog een stuk volgden, is één van de heilige meren in Tibet en heeft de vorm van de scharen van een kreeft. De top was natuurlijk de ideale plaats om te picknicken. Laat in de middag passeerden we de Karo-La (5045 meter) en even verder konden we de enorme gletsjers van de Nojin Gangzang bewonderen. De weg ging verder langs rotsachtige heuvels. We passeerden een stuwmeer en volgden vervolgens de Nyangchu-rivier.

Zeer moe maar voldaan bereikten we op het eind van deze lange dag een vruchtbare vlakte waarin het fort en klooster van Gyanze al van verre te zien was. Deze avond zijn we gaan eten bij de knuffel chinees. Dit was wel de duurste maaltijd van onze reis, maar een naam moet hier blijkbaar ook betaald worden. De kok zelf maakte er ook de nodige show van door je de keuken in te roepen van zodra hij begint met het wokken en er serieuze vlammen uit zijn pan beginnen te slaan. Gelukkig hebben we wel lekker gegeten.

naar boven

17 oktober 2009 - Gyanze - Xigaze

Gyanze Het op 3950 meter gelegen Gyanze heeft enigszins haar Tibetaanse karakter behouden. Ook op historisch en cultureel gebied is Gyanze een belangrijke plaats want je kunt er de enige overgebleven Newari Chorten in Tibet bezoeken. De Pango chorten of Kumbum is gebouwd in 1427 en een fraai voorbeeld van 15de eeuwse Newari-kunst. De Newari's van de Kathmandu-vallei in Nepal waren vroeger veel gevraagde kunstenaars in Tibet.

We hebben eerst door het oude stadsgedeelte gewandeld. Het zag er ook oud uit. De mensen leefden hier blijkbaar nog de 18de eeuw. De koeien stond langs de straat en waren vastgebonden aan het huis. Er lag een beetje stro en hooi bij. De vlaaien werden zorgvuldig bewaard en gedroogde om als stooksel te gebruiken in de winter. Het bezoek aan de Pango chorten of Kumbum mocht natuurlijk niet ontbreken. Na het bezoek reden we met onze jeeps verder richting Xigaze.

Boterthee drinken Aan het eind van de dag reden we door één van de belangrijkste landbouwgebieden van Tibet in ongeveer 2 uur naar Xigaze (ook wel geschreven als Shigatse). Onderweg zagen we het dagelijkse leven op het platteland. We zijn bij een Tibetaanse familie boterthee gaan drinken. We waren gewoon ergens gestopt en hadden gevraagd of we er boterthee mochten drinken. Ik heb mijn tas uitgedronken maar een tweede geweigerd omdat ik toch een beetje schrik had voor mijn maag. Xigaze ligt op een hoogte van 3900 meter vlak bij de samenvloeiing van de Yarlung Tsangpo en de Nyangchu-rivier. Deze op één na grootste stad van Tibet heeft slechts een klein authentiek gedeelte kunnen behouden waaronder het Tashilhunpo klooster. Dit imposante klooster is in 1447 gesticht door Zongkapa's neef en discipel Gedundrub die tevens de eerste Dalai Lama was. Later werd Tashilhunpo de zetel van de Panchen Lama. Tashilhunpo klooster hebben we niet bezocht. We hebben echter wel de 8 km lange pelgrimsomgang (kora) gelopen.

naar boven

18 oktober 2009 - Xigaze - Sakya

In ongeveer een halve dag reden we naar Sakya dat 154 kilometer ten zuidwesten van Xigaze ligt. Opnieuw passeerden we een hoge pas, de Tso-La (4950 meter). Na de pas namen we de afslag naar Sakya, voor een bezoek aan dit slaperige, prachtig gelegen dorp. Tot in het dorp volgden we de rivier die tijdens de zomer voor veel ongemakken kan zorgen en soms de weg geheel blokkeert. Vanuit de vlakte torende een monolithisch ommuurde structuur omhoog die in eerste instantie op een fort leek: het Sakya-klooster. Het klooster van de vroeger machtige Sakya-sekte is de vernielingen in de 60 en 70 jaren grotendeels bespaard gebleven, getuigen hiervan zijn de unieke bibliotheek en de authentieke wandschilderingen. We moesten voor het bezoek aan het klooster een half uurtje wachten tot iemand de monnik met de sleutel gevonden had. We konden ondertussen wel op de balustrade rond het klooster lopen zodat we een mooi uitzicht hadden op de omgeving. We konden ook een wandeling maken naar de stupa's aan de overzijde van de rivier en we beperkenten ons tot een wandeling door het grijze dorp.

naar boven

19 oktober 2009 - Sakya - Rongbuk (Mount Everest)

Mount Everest Vandaag hadden we een lange, maar fantastisch mooie rit voor de boeg naar het eerste basiskamp van de Mount Everest. We verlieten Sakya, passeerden de afslag naar West-Tibet, klommen in 20 kilometer duizend meter en bereikten uiteindelijk de 5220 meter hoge Gyatso-La. Vanaf hier kregen we het eerste panorama over de noordzijde van 's werelds hoogste bergen te zien. Na Shegar sloegen we linksaf en bereikten we na drie kilometer de ingang van het Qomolangma Nature Reserve, het park waarin de Mount Everest ligt. Eerst natuurlijk de controle door de Chinezen. Door het park lopen alleen onverharde paden. Deze rit van iets meer dan 100 kilometer duurde ongeveer 5 uur. Het was zwaar maar zeker de moeite waard. We begonnen met de overwinning van de Pang-La (5120 meter). Vanwaar we voor de eerste maal bergreuzen als de Mount Everest (Qomalangma), Lhotse, Makalu en cho Oyu te zien kregen. We reden door valleien, langs dorpjes en genoten van de overweldigende natuur. Onderweg mocht natuurlijk de controle ook niet ontbreken. Er werd nauwkeurig geteld hoeveel personen er in de jeeps zaten en dit werd dan vergeleken met de papieren.

Na een ruige rit kwamen we aan in
Rongbuk. We reden verder tot aan het eerste basiskamp van de Mount Everest waar we overnachten in tenten. Het was heel primitief en er was geen wasgelegenheid. Basiskamp We bevonden ons hier op 4980 meter hoogte. Het wordt 's nacht flink koud en het zuurstofgehalte van de lucht is erg laag. Vroeger lag het basiskamp op 5200 m, maar de chinezen hebben dit vernield omdat er via deze weg enkele Tibetanen gevlucht waren naar Nepal. Zij beklommen zogezegd de Mount Everest, maar waar de Tibetaanse route de Nepalese route kruiste daalden zij weer af.

Met de bus zijn we dan de oorspronkelijk plaats van het basiskamp gaan bezoeken. Enkelen deden de tocht te voet. Het was geen moeilijk wandeling maar vanwege de hoogte en koude wind toch een pittige tocht. Enkel de gedenksteen van 5200 m en de Chinese wachtposten bleven over van het oorspronkelijk basiskamp. Het was bitter koud en de wind deed er nog een schepje boven op. Het kamp was een fantastische plek om de zon onder te zien gaan en ondertussen van het uitzicht op de imposante Himalaya-pieken te genieten.

Na het bezoek van het oorspronkelijke basiskamp hebben we met z'n allen rijst en kip gegeten in een tent. De kachel in de tent werd verwarmd met gedroogde mest. Na het eten ging iedereen naar zijn eigen tent. Lut en ik sliepen samen met Marleen en nog een Chinees in een iets kleinere tent. De tent bestond uit 2 delen een woon- slaap gedeelte en de keuken. Alvorens te gaan slapen kregen we nog een tas thee. We werden goed voorzien van Yak dekens want 's nacht kon het bitter koud worden. Ik voelde goed dat ik op grote hoogte zat want bij de minste beweging trapte ik op mijn adem.

naar boven

20 oktober 2009 - Rongbuk (Mount Everest) - Zhanghmu

Mount Everest Richting Zhanghmu Na het ontbijt dat bestond uit thee en pannenkoeken en het afbieden op de prijs, daar het ontbijt in de andere tenten goedkoper was, begon het laatste stuk van onze reis, terug naar Kathmandu. Over de eerste 80 km hebben we 3u gereden. Dit deerde ons echter niet, de natuur was zeer ruw maar prachtig. Vanaf Nyalam (3750 meter) ging de weg steil naar beneden, de vegetatie keerde abrupt in een zeer weelderige vorm terug. Er waren watervallen en alls oogde als een zeer groene jungle. Onderweg werd verschillende malen gestopt om foto's te maken. Gegeten werd er in een wegrestaurant. Na een spectaculaire tocht bereikten we Zhangmu (2300 meter). Het laatste stuk hebben we wel te voet gedaan, daar een kleine lawine de weg geblokkeerd had. Na een uurtje kwamen we aan in ons hotel. De chauffeurs van onze jeeps bereikten de stad pas 4 uur later. We hebben opnieuw overnacht onder primitieve omstandigheden, de was -en toiletgelegenheid waren zeer primitief of defect. We zijn met z'n alleen gaan eten in een restaurant. De bediening was wel een chaos. Iedereen had soep besteld, maar de laatsten moesten hun soep nog krijgen, terwijl de eersten hun maaltijd al op was. Het smaakte echter wel lekker.

naar boven

21 oktober 2009 - Zhanghmu -Kathmandu

Vriendschapsbrug Weg naar het restaurant Na het eten hebben we ons Chinees geld omgewisseld in Nepalese rupies. Dit gebeurde gewoon op straat. We maakten samen met de groep een afspraak over de koers. Natuurlijk kwamen ook andere geldwisselaars hun diensten aanbieden aan dezelfde koers. Hierdoor ontstonden er kleine discussie onder de wisselaars. Zhanghmu, de grensplaats tussen Tibet en Nepal, is een centrum van de bloeiende Tibetaanse-Nepalese handel. De jeeps brachten ons 9 kilometer door niemandsland naar de Friendshipbrug, grenspost. We moesten te voet de grens over. We namen hier dan ook afscheid van onze chauffeurs die ons veilig tot aan de grens gebracht hadden en die op onze vraag steeds stopten als we weer foto's wilden maken. Onze chauffeur was wel zeer voorzichtig maar van schakelen had hij blijkbaar nog niet gehoord.

laatste maaltijd van onze reis We passeerden de Chinese grenspost, wat eigenlijk vrij vlot verliep. We liepen met de bagage de brug over en bereikten zo de Nepalese grenspost Kodari. De grensformaliteiten, werden daar ook vrij snel afgehandeld. Ons busje dat ons naar Kathmandu zou brengen stond reeds klaar. De rit van Kodari naar Kathmandu zou ongeveer vier-vijf uur duren zodat we normaal gesproken 's avonds in ons hotel arriveerden. We maakten onderweg nog een mooie stop om te eten. Alvorens we dit restaurant bereikten dienden we over een hangbrug te lopen die over de vallei gespannen was. Hoogte van de brug was 152 meter. We arriveerden vrij goed op tijd in het hotel. Heerlijk om me na drie dagen van vuil vergaren en afzien weer eens te kunnen douchen.

Dit was het einde van een zeer mooi reis. Als afsluiter zijn we gezamenlijk gaan eten in een typisch Nepalees restaurant. Schoenen uit bij het binnenkomen. Je zat gewoon op de grond in kleermakers zit. Er werden enkel Nepalese gerechten geserveerd door kelners in Nepalese klederdracht. Het was een prachtige avond en tevens een mooie afsluiter van deze reis.

naar boven

22 oktober 2009 - Kathmandu - Kleine Brogel

Vandaag hebben we vrije voormiddag om nog wat door Kathmandu rond te dwalen. Mijn vrouw en ik zijn terug naar de stupa Bodhnath gegaan. We besloten met de taxi te gaan. Dus eerst voldoende afbieden. Na een ritje van een twintigtal minuutjes waren we ter plaatse. We hebben eerst rond de stoepa gewandeld en tevens de diverse winkeltjes bekeken. Na het nuttigen van een tas thee, werden de nodige souvenirs aangekocht. Om 2 uur werden we terug aan het hotel verwacht om nog een groepsfoto te maken, nog enkele e-mail adressen uit te wisselen en afscheid te nemen van Benti.

naar boven

Nawoord

Het werd een avontuurlijke reis waarin de overweldigende natuur werd afgewisseld met de mystieke culturen van Nepal en Tibet. Al wandelend verkenden we het Himalayarijk Nepal. We liepen in een niet-toeristisch gebied door groene rijstterrassen en langs kleine dorpjes op redelijke hoogte. We doorkruisten de onmetelijke hoogvlakte in Tibet en reisden in drie weken van groene velden en bananenbomen tot aan wapperende gebedsvlaggen in verstilde onherbergzame landschappen.

Slenterend door de smalle straten van Kathmandu worden we verrast door de ontelbare prachtig versierde hindoeïstische en boeddhistische tempels. In de wijk Thamel waren er talloze gezellige restaurantjes, waar heerlijke nationale en buitenlandse maaltijden werden geserveerd. We reden naar Panauti vanwaar we in drie dagen via Nagarkot naar Bhaktapur liepen. De korte ontmoetingen met kinderen in kleine dorpen waren werkelijk onvergetelijk. In Dhulikel sliepen we in een vriendelijk hotel met uitzicht op de met sneeuwbedekte toppen van de Himalaya.

op 5200 m op 5200 m Vanuit alle windstreken komen pelgrims naar Lhasa om een bezoek te brengen aan de Jokhangtempel, het heiligste gebouw van Tibet. Rondom de tempel is het vaak file lopen tussen de pelgrims met hun ronddraaiende gebedsmolentjes. Hoog boven Lhasa torent de Potala uit, eens de winterresidentie van de Dalai Lama. Lopende door het ruim duizend kamers tellende gebouw voelde je vooral hier de tragedie van het Tibetaanse volk.

Het klooster van Ganden ligt op één van de meest spectaculaire plekken van Tibet. Hier konden we samen met de pelgrims de Ganden-kora, de pelgrimsroute, rondom het klooster lopen. Het cirkelvormige kloostercomplex van Samye ligt aan de overkant van de Yarlungrivier en we moesten daarom de jeeps verruilen voor een houten boot. De gebedsdienst in het oudste klooster van Tibet gaf je een gevoel van rust en kalmte alvorens we verder reisden door dit fascinerende land.

0p de Kambapas had je een schitterend uitzicht over het heilige, turkoois gekleurde Yamdrokmeer. In Gyanze kon je heerlijk ronddwalen door de kleine straatjes waar je nog steeds de typische Tibetaanse sfeer vond. Hoog boven het stadje steekt het reusachtige fort, de Gyanze Dzong, uit. De Kumbumstupa met zijn honderdduizend beelden mocht je zeker niet missen. Het Tashilhunpoklooster in Xigaze is de traditionele zetel van de Panchen Lama. Dit klooster werd het minst beschadigd tijdens de Culturele Revolutie en herbergt een 26 m hoge, geheel met bladgoud beklede Maitreya Boeddha.

Voor velen was de overnachting in het basiskamp van de Mount Everest op 4980 m letterlijk het hoogtepunt van de reis. Oog in oog met deze Koningin der Bergen kreeg je het gevoel dichter bij de hemel te zijn beland. Via een door de wind geteisterde vlakte met spectaculair uitzicht op de Himalaya, gaat de weg dwars door bergkloven in 2 uur drieduizend meter naar beneden. Voor we het wisten zaten we weer in de met watervallen versierde groene vallei.

Deze reis was een fantastische beleving voor mij. Wat hebben wij het toch goed in ons landje, maar ik heb me zeer dikwijls de vraag gesteld; wie is het gelukkigst? De meeste hotels waar we in Nepal logeerden waren uitgerust met primitief sanitair. Maar alles kon je niet verwachten, het werkte. We konden douchen en het toilet gebruiken. In Tibet was de situatie iets anders. In de meeste hotels was er geen warm water meer na 15u. Dus geen mogelijkheid tot douchen. We kregen wel voldoende kruiken met warm water. We hebben maar een slecht hotel gehad en dat was in Zhanghmu. Er waren gemeenschappelijke douches, maar er was geen warm water. Er waren ook geen toiletten op de kamer. De toiletten op de gang waren kapot. In de kleinere dorpen was het voor je behoeften behelpen in de natuur. Er was geen leidingwater in deze landen. Alle water werd uit de rivieren gehaald. In deze rivieren werden ook de assen van de overledenen gestrooid, werden de kleren gewassen, wasten de mensen zich en werd er water gehaald om te koken en af te wassen

Het eten was goed. Ik heb alles gegeten wat men voor mij klaargemaakt had. In het begin heb ik wel geen rauwe groeten gegeten uit schrik voor diaree. De keuken was eenvoudig, maar goed gekruid. De maaltijden bestonden meestal uit soep, rijst, vlees en groenten. Als drank had je deze keuze uit frisdranken of een plaatselijk bier. Water werd er alleen gedronken als de verzegelde dop nog op de fles zat.

Maar de natuur maakte alles goed. Gewoon prachtig.
Guido en Lut
oktober 2009

Laatste aanpassing 19/10/2016


naar boven